Terug naar overzicht

Bouwt en Ontwikkelt: 'Industrieel bouwen geeft de woningbouw weer vaart'

Verhaal
20 oktober 2026 1 minuut
DSC 4927 1

Artikel uit Haaglanden Bouwt en Ontwikkelt 2026

De woningnood is groot, de bouwsector vergrijst en betaalbare woningen staan onder druk. Volgens Dennis Baas, technisch directeur van Plegt-Vos Zuidwest in Rotterdam, kan de traditionele manier van bouwen die opgave niet langer aan. Voor Baas is de conclusie duidelijk: industrieel bouwen is het middel om aan de toenemende vraag te voldoen.

Het kabinet wil jaarlijks 100.000 woningen bouwen, maar die ambitie staat al jaren onder druk. Volgens Baas komt dat niet door één oorzaak, maar door drie ontwikkelingen die elkaar versterken: een groeiende woningvraag, een snel vergrijzende bouwsector en woningen die voor steeds minder mensen betaalbaar zijn.

Elk jaar gaan er meer mensen in de bouw met pensioen dan er vanuit opleidingen instromen. En de prijzen lopen op: onlangs stond er een artikel in de krant dat de gemiddelde tussenwoning in Nederland de 4,5 ton heeft aangetikt, aldus Baas. “Voor veel woningzoekenden is dat simpelweg niet meer op te brengen.”

Plegt-Vos zet daarom in op industrieel bouwen: het grotendeels in de fabriek voorbereiden en assembleren van woningonderdelen om vervolgens sneller te bouwen op locatie. Doordat technische oplossingen niet telkens opnieuw hoeven te worden ontwikkeld, kunnen projecten sneller worden uitgevoerd en blijven de kosten beter beheersbaar dan bij een traditioneel proces. Ook de milieuwinst is volgens Baas aanzienlijk, door efficiënter gebruik van grondstoffen en minder verspilling van materiaal.

Verreweg Maassluis CSF250161 522

Geen eenheidsworst, maar volop variatie

Toch kleeft er volgens Baas een hardnekkig misverstand aan industrieel bouwen. “Dat het vaak een eenheidsworst is. Dat het Oost-Duitse flats zijn die we neerzetten”, zegt hij. Dat beeld klopt volgens hem niet. Er gelden spelregels, maar binnen die kaders is nog altijd veel ontwerpvrijheid mogelijk, mede dankzij digitalisering. Er is volop variatie in architectuur, woningtypen, plattegronden en stedenbouwkundige opzet. Wat wél is vastgelegd, zijn de technische randdetails: hoe een gevelelement precies aan een casco wordt bevestigd, bijvoorbeeld. Op dat niveau is vrijwel geen keuzevrijheid meer. En dat is volgens Baas ook niet nodig.

Ook het beeld dat industrieel bouwen vakmensen overbodig maakt, weerlegt hij. De sector heeft die mensen hard nodig om de productie op peil te houden. Wel verschuift het werk: minder mensen die met weer en wind om 7 uur ‘s ochtends op de steiger staan en meer werk dat onder gecontroleerde omstandigheden in de fabriek plaatsvindt. “Daarnaast zijn er ook vakmensen nodig om de woningen op locatie te assembleren”, aldus Baas.

Stolwijk Hoflaan CSF250143 515

Sneller bouwen aan betaalbaar woonplezier

De grootste meerwaarde van industrieel bouwen ziet Baas in het betaalbare segment: niet alleen bij eengezinswoningen, maar zeker ook bij appartementen. Doordat processen grotendeels zijn gestandaardiseerd, kunnen projecten sneller worden uitgevoerd en blijven de kosten beter beheersbaar. Minder bouwtijd betekent bovendien minder arbeidsuren, waardoor woningen goedkoper kunnen worden gerealiseerd. Volgens Baas is industrieel bouwen daarbij geen doel op zich, maar een middel om sneller goede, betaalbare woningen én toekomstbestendige buurten te realiseren. “Het gaat uiteindelijk niet alleen om aantallen, maar ook om de kwaliteit van de leefomgeving.”

De hele keten moet meebewegen

Om sneller, betaalbaarder en duurzamer te kunnen bouwen, moet volgens Baas de hele keten anders gaan werken. Hij pleit daarbij voor meer ontwerpvrijheid, onder meer in bouwhoogtes, kapvormen, stramienen en materiaalkeuzes. Welstandscommissies, die bouwplannen beoordelen op hun ruimtelijke kwaliteit, zouden zich moeten beperken tot het toetsen van redelijke eisen, in plaats van specifieke oplossingen voor te schrijven. Dezelfde vrijheid vraagt hij van opdrachtgevers: beschrijf de gewenste kwaliteit, maar laat de technische invulling aan de bouwer over. “Alles is getest, alles is gecertificeerd”, zegt Baas.

Volgens Baas laat een project van woningcorporatie Havensteder in Rotterdam zien wat mogelijk is wanneer opdrachtgever, gemeente en bouwer vanaf het begin samenwerken. De corporatie schreef geen dichtgetimmerd programma van eisen voor, maar daagde de markt uit om op basis van een beperkte omschrijving en een volumestudie zelf met een oplossing te komen. Plegt-Vos werd geselecteerd als beste partij en kon drie maanden na het verkrijgen van de omgevingsvergunning beginnen met bouwen. Negen maanden later werden de eerste van 161 appartementen opgeleverd. Van selectie tot volledige oplevering verstreek in totaal ongeveer tweeënhalf jaar. Havensteder had, zegt Baas, vertrouwen in een goed product van Plegt-Vos en contracteerde het bedrijf om precies die oplossing te bieden. En dat is gelukt.

Plegt Vos 11 05 2023 063

Vroeg aan tafel

Volgens Baas staat of valt het succes van industrieel bouwen met de manier waarop projecten worden georganiseerd. In de praktijk loopt Plegt-Vos daarbij vooral tegen twee knelpunten aan. Ten eerste vooroordelen: vaak wordt er onderschat wat er binnen industrieel bouwen mogelijk is. Ten tweede het moment waarop het bedrijf wordt betrokken. Als eisen of ontwerpen al te ver zijn uitgewerkt voordat Plegt-Vos aanschuift, worden de voordelen van industrieel bouwen niet effectief benut. Vroege betrokkenheid is dan ook een randvoorwaarde. Daarnaast lopen bouwtempo en de doorlooptijd van nutsaansluitingen niet synchroon: een woning die in een dag kan worden gebouwd, wacht soms negen maanden op een aansluiting.

Ook bezwaarprocedures vertragen volgens Baas de bouwproductie. Bezwaar aantekenen is in Nederland eenvoudig. Wie ongelijk krijgt, kan voor een paar honderd euro naar de Raad van State stappen. Volgens Baas is dit orgaan hier ontzettend druk mee, waardoor projecten vertraging oplopen en duurder worden. Uiteindelijk is daar volgens hem niemand mee geholpen, de woningzoekende het minst.

Baas noemt de ambitie van het Rijk om minimaal de helft van de bouwopgave industrieel te realiseren een goede ontwikkeling. Wel moeten volgens hem de juiste randvoorwaarden op orde zijn, zoals voldoende plancapaciteit en bezwaarprocedures die niet elk project onnodig vertragen. “Wijs gebieden aan waar gebouwd kan worden en zorg dat de randvoorwaarden op orde zijn. Dan kunnen wij de woningen bouwen. Wij zijn er klaar voor!”

PlegtVos Final SlimmeHuizenfabriek StijnHoekstra 6

Op weg naar 2030

Plegt-Vos bouwt al jaren industrieel. Zo worden in Meerkerk momenteel 45 woningen gebouwd met een volledig houten casco en start eind dit jaar de bouw van 100 woningen in Leiden. Volgens Baas bewijzen die projecten dat snel en betaalbaar bouwen goed samengaan. Volgens Baas reiken de voordelen van industrieel bouwen ook verder dan snelheid en betaalbaarheid. Ook op het gebied van duurzaamheid ziet hij grote kansen. Hij wijst naar de toenemende inzet van houten casco’s, zowel bij grondgebonden woningen als appartementen, waarmee een CO2-reductie van tot 80 procent te behalen is. Steeds meer onderdelen, van gevels tot badkamers, vloeren en kozijnen, komen uit wat Plegt-Vos de “Slimme Huizenfabriek” noemt. Als de sector de ambitie vasthoudt om in 2030 de helft van alle woningen industrieel te bouwen, is Nederland volgens Baas “een heel eind op de goede weg”.

Onze verhalen

Verhalen, nieuws en meer
Regelmatig slimme bouwupdates ontvangen?