Terug naar overzicht

Rabo & Co: Theo Opdam

Verhaal
13 december 2022 1 minuut
RaboCo

'Ik ben de drummer van het bedrijf. Ik geef het ritme en het tempo aan'

Artikel uit de Rabo & CO december 2022.

Theo Opdam (50) groeide op zonder vader en is ‘zo dyslectisch als het maar kan’. Toch stond de geboren Almeloër al op 34-jarige leeftijd aan het hoofd van Plegt-Vos, één van de grootste bouwbedrijven van Nederland. In 2017 werd hij zelfs eigenaar van het bedrijf, dat tegenwoordig in een Slimme Huizenfabriek jaarlijks niet minder dan 1.300 kant-en-klare woningen produceert. Zijn kracht en talent? ‘Ik vind mezelf helemaal niet zo bijzonder’, klinkt het bescheiden.

Pijlsnelle carrière 

Het is nogal niet niks: Theo Opdam kwam als 26-jarige bij bouwbedrijf Plegt-Vos terecht, werd er vier jaar later baas van de afdeling Noord, waarna hij opnieuw vier jaar later werd gevraagd de algehele leiding van het bedrijf op zich te nemen. Wat moet je eigenlijk in je mars hebben voor zo’n pijlsnelle carrière? Zijn jeugd kan daar best iets mee te maken hebben, zegt hij. ‘Mijn vader is al voor mijn geboorte overleden en mijn moeder is daar eigenlijk nooit overheen gekomen. Ik heb dus niet een standaard jeugd gehad. Ik kwam vroeg op eigen benen te staan, heb vroeg op mezelf leren vertrouwen en tegenslagen leren incasseren. Ik had veel ingrediënten om niks van m’n leven te maken, maar heb besloten om dat toch maar wel te doen.’

Dyslectisch 

Dat viel op school niet altijd mee. Opdam: ‘Ik ben namelijk zo dyslectisch als het maar kan. Ik had beter naar het lbo kunnen gaan, maar deed de mavo. Ik zat daar niet echt op m’n plek, maar heb ’t toch afgemaakt. En vervolgens ook de havo, het vwo en de universiteit. Hard werken? Och, ik had allemaal exacte vakken. Het voordeel daarvan is dat je, als je het snapt, niet zo heel veel hoeft te doen.’ Bij Plegt-Vos kwam hij terecht via een personeelsadvertentie in Intermediair. Het bedrijf was destijds, eind jaren negentig, al een klinkende naam. ‘De bouwwereld sprak me aan. Met elkaar mooie dingen maken die mensen blij maken, omdat ze erin kunnen wonen. Dingen die langere tijd blijven staan ook nog, waar ik dan nog wel eens langs rij en denk: dat hebben wij met z’n allen neergezet...’ In 2017 ging hij met de familie Vos in gesprek om het bedrijf over te nemen. Het familiebedrijf zat zonder opvolger en Opdam wilde graag door. Hij haast zich te zeggen: ‘Maar sinds ik voor honderd procent eigenaar ben, is er eigenlijk niks veranderd, hoor. Misschien dat ik iets vrijer ben geworden in m’n beslissingen. Aan de andere kant: verantwoordelijkheidsgevoel heb ik altijd gehad.’

Twents familiebedrijf

Opdam ziet het 120 jaar oude Plegt-Vos nog steeds als een echt Twents familiebedrijf, met alle kenmerken van dien. Het is nu alleen van een andere familie. ‘Wat hier als een paal boven water staat, en dat heb ik ook van Paul Vos geleerd: niemand is groter dan het bedrijf. Het bedrijf is het belangrijkste.’ Als ondernemer geniet hij van dingen verzilveren. ‘Kansen zien en die benutten. Mensen die zich ontwikkelen vind ik ook mooi. Ik geniet ervan als ik jonge mensen ineens dingen zie doen waar ze een jaar eerder nog tegenop zagen.’ Zijn stijl van leidinggeven? Opdam vergelijkt zichzelf graag met de drummer van een band. Bij concerten focust hij ook altijd op de drummer. Die zit op het oog wat op de achtergrond, maar heeft intussen de touwtjes strak in handen. ‘Een drummer’, zegt Opdam, ‘is vooral achter de schermen heel belangrijk. Zonder drummer kan de rest z’n werk niet doen, een drummer geeft houvast. Die geeft het tempo en het ritme aan. Op de één of andere manier spreekt dat me wel aan.’ Gelijkwaardigheid staat bij Opdam hoog in het vaandel. ‘Er werken hier veel verschillende soorten mensen, maar iedereen is gelijk’, zegt hij. Als de baas hakte hij vijf jaar geleden de knoop door om in Almelo een 20 miljoen euro kostende fabriek neer te zetten, waar op gerobotiseerde wijze prefab-woningen worden gemaakt. ‘Ik zou liegen als ik zou zeggen dat zo’n besluit niet spannend is.’ Het besluit werd echter vergemakkelijkt door het feit dat er niet zo veel keuze was. ‘Er is namelijk geen aanwas van jonge vaklui meer, waardoor het vakmanschap achteruitgaat. Daardoor wordt ook de kwaliteit en de veiligheid op de bouwplaats minder, terwijl er de komende tijd juist heel veel gebouwd moet worden. En er moet heel veel verduurzaamd worden. Dat gaan we gewoon niet redden op de manier waarop we het altijd hebben gedaan.’

Slimmer produceren

Met een gerobotiseerde manier van werken hoopt Plegt-Vos de drie geschetste problemen het hoofd te kunnen bieden. Door slimmer te produceren wordt er minder verspild en blijft er meer geld over. ‘Dat dit goedkoper is, was het belangrijkste argument om hiervoor te kiezen. Dat het ook minder CO₂-uitstoot met zich meebrengt, is alleen maar meegenomen. En je zou zeggen dat dit gouden tijden zijn voor de bouwwereld, want er moet inderdaad als een gek gebouwd worden. Maar door al die prijsstijgingen krijgen mensen dezelfde kwaliteit tegen hogere kosten.’ Op de kavel van tien hectare die Plegt-Vos op Bedrijvenpark Twente in Almelo kocht, is inmiddels één hal in bedrijf. De komende jaren zouden daar nog eens vier van dergelijke hallen bij moeten komen. ‘Nou’, trapt Opdam even op de rem, ‘alles stap voor stap. Er is ruimte voor vijf hallen, klopt, maar alles op z’n tijd. We zijn nu bezig met de plannen voor een tweede hal, en als die er staat, kijken we wel weer verder.’ De fabriek in Langeveen opheffen, waar het bedrijf z’n roots heeft, was voor Opdam geen optie. ‘Het bedrijf heeft in het dorp een belangrijke functie’, legt hij uit. ‘Bovendien zou het kapitaalvernietiging zijn. Vandaar dat we voor Almelo hebben gekozen, dat is tenslotte maar twaalf kilometer verderop. Want dat we in Twente zouden blijven, stond voor mij als een paal boven water. We zijn weliswaar een landelijke bouwer, maar wél eentje met Twentse roots.’

Tekst: Geert Jan Darwinkel
Fotografie: Frank Ruiter

Onze verhalen

Verhalen, nieuws en meer
Regelmatig slimme bouwupdates ontvangen?