Terug naar overzicht

Cobouw: Diversiteit is bij Plegt-Vos zoveel meer dan mannetje-vrouwtje

Nieuws
9 mei 2022 5 minuten
Geen afbeelding gevonden

Artikel uit de Cobouw 6 mei, 2022:
Niet te smal selecteren vinden ze bij Plegt-Vos in Hengelo. Vergeet functieprofielen en focus niet te veel op vooropleiding. Zoek naar talent en mindset, dan volgt diversiteit vanzelf. Bovendien hoef je daar niet heel veel woorden aan vuil te maken. Kwestie van doen. Dat directeur Theo Opdam er op 1 juni over komt vertellen tijdens de Cobouw Diversity Summit mag dan ook bijzonder heten. ‘‘Ik heb niet zo’n zendingsdrang.’’

Ze zijn samen aangeschoven: Rachel van Raan (1976), hoofd Human Resources en Theo Opdam (1972), Algemeen Directeur. Beiden studeerden aan de Universiteit Twente (UT), op een steenworp afstand van het Plegt-Vos-kantoor in Hengelo. Van Raan deed er technische bedrijfskunde met als bijvak civiele techniek, Opdam civiele techniek met als bijvak technische bedrijfskunde. Ze zijn van dezelfde generatie en hebben min of meer dezelfde aanpak. ‘‘Dat weten we en daarom hebben we in ons directieteam ook bewust mensen met andere stijlen. Zo krijg je een gebalanceerd team dat elkaar in stijl overlapt en dat leidt tot evenwichtige besluitvorming.’’

Daarbij kijken ze liever naar karakter dan naar man-vrouw. ‘Diversiteit wordt al heel snel mannetje-vrouwtje ingevuld. Maar het is zoveel breder.’ Binnen Plegt-Vos maken ze gebruik van de bekende kleurentheorie waarbij bepaalde persoonlijkheidskenmerken van een kleur worden voorzien. Van Raan: ‘‘Welke kleuren zijn al aanwezig in het betreffende team en hoe vullen we die het beste aan? Daar letten we op in het sollicitatiegesprek.’’ Voor de liefhebber: Opdam is rood en geel, Van Raan oranje, rood en groen.

 

Generaties

Diverse karakters binnenhalen dus. Maar ook diversiteit in generaties is belangrijk in Hengelo. Van Raan: ‘‘De gemiddelde leeftijd is 42. We hebben nog twaalf babyboomers rondlopen en de pragmatische generatie en de millennials zijn qua aantallen in evenwicht. Ook druppelt generatie Z langzaam binnen.’’

Opdam: ‘‘Het interessante is dat die nieuwe generatie helemaal niets heeft met dat hele directieve en hiërarchische. Dat past heel goed bij onze stijl, gelijkwaardigheid is hier een kernwaarde.’’ Van Raan vult aan: ‘‘Dat geldt op kantoor maar ook op de bouwplaats. Of je nu voorman, uitvoerder of timmerman bent, wij zijn als mens gelijk.’’

 

Kapper

Naast karakters en generaties, is variëteit in vooropleiding en achtergrond een belangrijk houvast voor Plegt-Vos. Ze vinden dat er vaak te rigide wordt geselecteerd op opleiding en ervaring. Opdam: ‘‘Hoe groot was je vorige project, hoeveel lagen had het? Pas dan ben je kennelijk geëquipeerd voor de baan.’’ Van Raan: ‘‘Al sinds 2013 nemen wij geen functieomschrijving en functie-eisen op in de vacatures. Als je te veel wilt opleggen waar iemand aan moet voldoen, dan sluit je bij voorbaat al heel veel mensen uit. Wij willen van sollicitanten weten wie ze zijn als mens en wat hun talent en toegevoegde waarde is. Daarmee halen wij diverse reacties binnen en dat helpt ons geweldig. Denk aan mensen met een vooropleiding als kapper of mensen met horeca-ervaring. Die passen heel goed in een dienstverlenende functie.’’

Ondanks die brede selectie waarbij vooropleiding niet de doorslag geeft, is van de 519 medewerkers slechts veertien procent vrouw. Met name op de bouwplaats zijn de mannen in de grote meerderheid. ‘‘Het zou fijn als dat percentage omhoog gaat, maar dat is ook een maatschappelijk probleem’’, zegt Opdam. Van Raan: ‘‘En de vrouwen die wél van de opleidingen komen, kiezen eerder voor Rijkswaterstaat en ingenieursbureaus. Ik verwacht daar trouwens nog wel beweging.’’

Maar als opleiding niet doorslaggevend is, dan kan Plegt-Vos toch actief vrouwen met andere achtergronden ronselen? ‘‘Ook dat gebeurt’’, zegt Van Raan. ‘‘Maar we zullen nog actiever moeten laten zien welke functies er allemaal zijn in de bouw. Je kunt hier tig functies en rollen bekleden zowel op de bouwplaats als op kantoor.’’ Ook Opdam vermoedt dat de perceptie van de bouw niet helemaal juist is en dat vooral vrouwen daarop afhaken. ‘‘Men denkt dat het hard en vies en grof is. Beetje lomp en een beetje mannelijk. Dat klopt voor een groot deel niet.’’

 

Blinde vlek

Beiden geloven niet in quota en streefcijfers als het gaat om diversiteit. Van Raan: ‘‘Wij willen het niet zo complex maken.’’ Opdam: ‘‘Het gaat om de overtuiging van de winst van diversiteit. Anders kun je quota opleggen wat je wil, maar wat is dat waard? Ik geloof er echt in dat diversiteit ons bedrijf beter maakt. Aan het begin van mijn carrière werkte ik met alleen academici samen. Dat was geen afspiegeling van de maatschappij. Een homogeen bedrijf is heel saai. Een kroeg waar iedereen komt dat zijn de leukste kroegen. Bovendien bouwen wij voor iedereen en dan is het fijn als wij weten wat er in de maatschappij leeft. Het is onhandig als je dan allemaal dezelfde types hebt met dezelfde blinde vlek.’’

 

Dikdoenerij

Gedurende het interview valt het woord gelijkwaardigheid meerdere keren. Mensen die denken dat ze meer zijn dan een ander die houden het hier niet lang vol, zeggen ze. Opdam: ‘‘Ik had laatst iemand die een beetje onaardig was tegen de secretaresse en toen heb ik wel uitgelegd dat dat een heel slecht idee is.’’ Van Raan: ‘‘Het helpt wanneer de top van het bedrijf dat uitstraalt.’’ Ze wendt zich tot Opdam: ‘‘Jij hebt daar een heel positieve invloed op gehad.’’

‘‘Ik vind het gewoon belangrijk’’, zegt Opdam simpel. ‘‘In essentie is iedereen gelijk. We kunnen verschillen uitvergroten maar ook overeenkomsten benoemen. Dan krijg je verbinding. Ik wil dat mensen hier met plezier werken en zichzelf kunnen zijn. Je mag al je plussen meebrengen, maar je hoeft ook niet geheimzinnig te doen over je minnen. Ik ben zelf bijvoorbeeld zo dyslectisch als een deur, dus als je van mij een mail krijgt dan ziet het er niet uit. Ik kan het gewoon niet zo goed.’’

 

Denkfout

Misschien komt daar zijn aversie tegen dikdoenerij vandaan. ‘‘Mijn schooladvies was heel laag’’, vertelt hij. ‘‘Toch studeerde ik af aan de UT. Maar als ik dat niet had gedaan dan was het ook goed geweest. Dan was ik in een ander vak zo goed mogelijk geworden. Het is een denkfout dat een hogere opleiding een voorwaarde is voor succes en geluk. Dat is echt bullshit. We moeten vakmanschap weer gaan waarderen. Ouders moeten trots zijn als hun kinderen een mooi vak gaan leren, of het nu zonen of dochters zijn. Daar zit de grootste winst.’’

Opdam spreekt bevlogen maar verwacht niet dat hij doorlopend met dit verhaal op de bühne staat. ‘‘We hebben invloed op ons eigen bedrijf, niet op de hele sector. Het is niet aan mij om de sector te veranderen. Nee, ik heb niet zo’n zendingsdrang.’’ Lacht: ‘‘Die heb ik alleen intern.’’

Foto: Toma Tudor

Onze verhalen

Verhalen, nieuws en meer
Regelmatig slimme bouwupdates ontvangen?